Combest Technische Installatie

Logistiek

De logistiek van de Combest mestverbrandingslijn is een zeer belangrijk aandachtspunt.

Logistiek
De vleeskuikensector werkt veelal met een cyclus van 7 à 8 weken. Aan het einde van deze periode bevindt zich in de stallen mest met een droge stof gehalte van gemiddeld 55%. De mest van alle stallen wordt middels een shovel of verreiker in een vliegendichte mestloods met een vloeistofdichte vloer opgeslagen.

De mesthal bestaat uit een natte mest buffer (ongeveer 55% DS) en een droge mest buffer (> 85% DS). Zowel de natte mest buffer als de droge mest buffer zijn afgesloten met een deur. Op deze wijze wordt ongewenste virus- en bacterieoverdracht voorkomen. De natte mest wordt middels een shovel of verreiker van de matte mest buffer in een biodoseerunit gebracht.

Vervolgens wordt de mest automatisch middels een transportband en vijzels naar de mestverbrandingslijn aangevoerd. De biodoseerunit weegt hoeveel mest door de droger verwerkt wordt. Op dit punt wordt de mest bemonsterd voor de mestboekhouding. Een deel van de gedroogde mest wordt middels vijzels naar een tweede biodoseerunit (tusenbuffer) en vervolgens eveneens door middel van vijzels naar de verbrander getransporteerd.

De tweede biodoseerunit (tussenbuffer) weegt hoeveel mest door de verbrander verwerkt wordt. De resterende droge mest (> 85% DS) wordt middels vijzels automatisch naar de droge mest buffer getransporteerd.

De resterende droge mest wordt op een weegbrug gewogen alvorens het van het bedrijf wordt afgevoerd. Op dit punt wordt de mest opnieuw bemonsterd voor de mestboek houding.

Natte mest buffer
De inhoud van de natte mest buffer is zo groot dat de mest van alle stallen opgeslagen kan worden

Droge mest buffer
De inhoud van de droge mest buffer is bij voorkeur minstens even groot als de natte mest buffer. Hoe groter de droge mest buffer wordt gekozen hoe meer vrijheid er is wanneer deze mest verkocht wordt. Dit kan gunstig zijn voor de verkoopprijs. Tevens is er op deze wijze in de droge mest buffer een voorraad mest aanwezig voor het geval er een storing in de drooglijn zou optreden.

Bij storing wordt middels een shovel of verreiker droge mest uit de droge mest buffer naar de tussenbuffer gebracht.